Wethouder Wim Oosterwijk is zaterdagmorgen 2 april met de Wildbeheer Eenheid Nijkerk op pad gegaan om klein wild in Nijkerk en Putten te tellen. Aan de hand van die tellingen wordt een faunabeheerplan opgesteld met informatie over de populaties van de te beheren diersoorten, schade die in het verleden is opgetreden en schade die in de toekomst te verwachten is.

Faunabeheer is nodig waar het aantal aanwezige wilde dieren tot overlast leidt voor verkeer, land- en tuinbouw en natuur. De overlast blijkt uit meldingen, het aantal aanrijdingen, schadevergoedingen van het Faunafonds en geluiden uit de WBE's. Voor verschillende diersoorten worden tellingen verricht om tot een goed beeld te komen welke diersoorten er voorkomen, hoeveel mannetjes, vrouwtjes en jonge dieren er zijn. Zo wordt ook meer duidelijk over de trend van meerdere jaren.

 

FBE Gelderland, WBE en de Jagersvereniging houden jaarlijks vier soorten tellingen die het beleid mede bepalen:

  • een ganzentelling in de zomer. Daarmee wordt duidelijk hoeveel ganzen hier broeden en dus het hele jaar in het land verblijven;
  • de telling van klein wild (waaronder fazanten, ganzen, kraaien en hazen) in het voorjaar;
  • de reeëntelling begin april;
  • de grofwildtellingen (edelherten, damherten, wilde zwijnen en moeflons) in april, mei en juni.

Foto's Kees van den Heuvel