| Raymond Noë Nov 1 | Walgelijk is het leven van een kind, het is altijd onderworpen, het wordt altijd behandeld als een dwaas dier. Niemand neemt de eenvoudigste beleefdheid in acht wanneer het iets zegt of vraagt. Ze praten over je alsof je een hond bent die niets kan horen, ze duwen je weg, wanneer ze hun vervloekte ruches dragen. Ze huilen boven je hoofd als ze zich willen beklagen en ze denken dat je het niet begrijpt. Alles merk je op en zij merken niets, je ziet hun ontrouw, hun bedrog, je hoort hen over je vader praten als hij er niet bij is. Je snuift hun erotiek en je zwijgt. Maar bespeuren ze dat je 's nachts wakker ligt en hen met open ogen haat omdat ze kletterend lachen op de gang? Ze lachen, ze ruisen lachend voorbij. Alfred Kossmann (1922-1998) Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere dag gratis een gedicht in hun mailbox | | | |
No comments:
Post a Comment